Roelofarendsveen Aan de Braassem

In opdracht van GEM Braassemerland maakt IMOSS het masterplan, stedenbouwkundig plan, beeldkwaliteitsplan en inrichtingsplan voor Aan de Braassem.

Intro

Ten zuiden van de kern Roelofarendsveen, direct aan het Braassemermeer, ligt een glastuinbouwgebied dat getransformeerd zal worden tot hoogwaardige woningbouwlocatie. De stedenbouwkundige visie van IMOSS, als onderdeel van het grondexploitatieplan van Projectvennootschap Braassemerland, is door de gemeente als beste beoordeeld. In de visie worden, op basis van de landschappelijke onderlegger, vier woonmilieus onderscheiden: het bestaande lint, de Akkers, de Eilanden, en de Poelen. In navolging op deze visie werkt IMOSS nu aan de stedenbouwkundige uitwerking van de eerste twee fasen van het plan.

 

Geschiedenis

‘Aan de Braassem’ ligt in een gedeelte van de oorspronkelijke ‘Veender- en Lijkerpolder buiten de bedijking’. Vanwege de aanwezige tuinbouw is een groot deel van de polder nooit verveend, in tegenstelling tot de omringende polders. Dit zorgt er op dit moment voor dat de bodem van het gebied te vergelijken is met een grote spons. Het grondwater ligt op sommige plaatsen niet meer dan 15 centimeter onder het maaiveld.

 

Het dorp Roelofarendsveen concentreerde zich lange tijd langs het lint Noordeinde. Dit dichtbebouwde lint vormt de basis van de verkavelingsopzet van het gebied en is al eeuwenlang een dominante structuur in het landschap. De kavelsloten lopen vrijwel overal in oost-westrichting, haaks op de bebouwingslinten.

Het lint Noordeinde deelt de polder in twee gebieden die qua waterstructuur van elkaar verschillen. Ten westen van Noordeinde zijn de langgerekte kavelsloten nog goed zichtbaar. De sloten worden met elkaar verbonden door korte dwarssloten. Het beeld wordt gedomineerd door langgerekte akkerlanden. .

Aan de oostkant van Noordeinde zijn de poldersloten breder en grilliger van vorm. Hierdoor ontstaat op plekken open water (poelen) en vormen de  sloten een fijnmazig netwerk waar de kavels meer als eilanden beleefbaar zijn.

 

Ruimtelijke structuur

De landschappelijke onderlegger vormt een belangrijk uitgangspunt voor de ruimtelijke structuur van ‘Aan de Braassem’. Het oost-west gerichte slotenpatroon vormt de basis voor het stedenbouwkundig plan. De sloten worden ook zoveel mogelijk behouden, waardoor het gebied haar kenmerkende, waterrijke karakter behoudt. Een relatief groot aantal woningen krijgt een tuin aan het water, hierdoor is het mogelijk om vanuit je achtertuin, met een boot, het Braassemermeer op te varen.De waterstructuur zorgt voor een heldere overgang naar het omliggende landschap.

 

De drie woonmilieus zijn Noordakkers, Poelen en Waterpark. De Noordakkers kenmerkt zich door de langgerekte kavels en kavelsloten in oost-westelijke richting. Poelen, het middelste woonmilieu, heeft een aantal grote watergangen als centrale drager. De naam Poelen komt voort uit de open waterplassen die in het woonmilieu liggen, poelen geheten.

Tegen het Braassemermeer ligt het woonmilieu Waterpark. Door dit woonmilieu slingert een bestaande watergang die gelijk de belangrijkste vaarroute door het woonmilieu vormt. De bestaande waterstructuur is uitgangspunt bij de ruimtelijke opzet. Door het slim toevoegen van watergangen blijven er kleine, informele eilanden over met elk een eigen karakter.

 

De introductie van een heldere ringstructuur zorgt voor een goede ontsluiting van de wijk en de diverse buurten. De ringstructuur heeft een ruime opzet met veel ruimte voor bomen, groene bermen en ruime voortuinen. Deze ringstructuur krijgt het karakter van een lommerrijke laan en noemen we ‘De Groene Laan’. De beleving van ‘De Groene Laan’ is bepalend voor de kwaliteit van ‘Aan de Braassem’. Open vergezichten over het water worden afgewisseld met besloten routes langs rijwoningen en langs fraaie twee-onder-één kapwoningen met op bijzondere plekken statige villa’s.

 

De bebouwingsdichtheid en woningtypen sluiten aan bij de landschappelijke onderlegger. De dichtheid heeft een gradiënt van hoge dichtheid in Noordakkers naar een lage dichtheid in Waterpark. De voormalige akkers met kassen worden dichter bebouwd dan het waterrijke gebied in Waterpark, waar tussen de twee-onder-één kapwoningen en vrijstaande woningen het water zichtbaar blijft.

 

Stedenbouwkundige opzet

Het bestaande water wordt zoveel mogelijk gehandhaafd en op strategische plaatsen vergroot en beleefbaar gemaakt. Het thema water staat centraal bij het vormgeven van de ruimtelijke structuur. De woningen profiteren zoveel mogelijk van de ligging aan het water of de nabijheid daarvan. Het gebruik van de oevers is divers; privétuinen aan het water worden afgewisseld met openbare oevers, natuurvriendlijke oevers en spelen aan het water.

 

Doordat de landschappelijke onderlegger leidend geweest is bij de opzet, is er een logische verdeling van woonmilieus ontstaan die wordt begrensd door de bestaande linten van het plangebied. Het aanwezige water en eilanden hebben de korrelgrootte van elk woonmilieu bepaald: langgerekte kavels in Noordakkers met overwegend rijwoningen die de richting van de kavels benadrukken; Poelen geprofiteerd van de waterplassen door de tuinen van de woningen zoveel mogelijk aan het water te leggen en in Waterpark vormen de eilanden eigen enclaves die elk een eigen karakter/identiteit krijgen.

 

De verschillende woonmilieus worden ontsloten en met elkaar verbonden door de ‘Groene Laan’. Van daaruit vertakken de buurtstraten. Deze opzet zorgt voor helder verkeersstructuur en logische verbinding met de omgeving.

 

De buurten worden via langzaamverkeersroutes verbonden met de bestaande structuren zoals de linten en dijk langs de Braassemermeer. Ook is er nadrukkelijk rekening gehouden met de bevaarbaarheid en vaarroutes van het fijnmazige waterstelsel binnen ‘Aan de Braassem’. Dit is dé kwaliteit van het wonen in ‘Aan de Braassem’.

 

https://aandebraassem.nl/aan-de-braassem

 

opdrachtgever GEM Braassemerland
aanspreekpunt Tijl Heking